Gelukkig dan maar



50-plussers voelen zich steeds gelukkiger. Ze zijn tevredener over hun leven dan tien jaar geleden. Worden 20- tot 49-jarigen meer gedreven door geld en werk, bij 50-plussers hangt het geluk vooral af van gezondheid en innerlijke balans.
Dat blijkt uit een onlangs verschenen onderzoek van het 50+ Expertisecentrum.Nu zijn er ongeveer vijf miljoen Nederlanders boven de 50 jaar. Dat zijn er in 2025 twee miljoen meer. Die zeven miljoen maken dan 43 procent van de bevolking uit. De onderzoekers constateren dat deze groep commercieel gezien dus steeds belangrijker wordt. Zo hebben ze meer te besteden en letten wat minder scherp op de prijs

Energiek
Opvallend is dat senioren met kinderen in huis lager op de gelukscurve scoren dan de ‘empty nesters’. De 50-plusser voelt zich doorgaans energiek, maakt zich weinig zorgen over het uiterlijk, kent minder druk om te presteren en is meer ontspannen dan jongere Nederlanders. Het
50+ Expertisecentrum wil de emancipatie van de doelgroep bevorderen en verzamelt informatie voor onder meer overheden en adverteerders.

Het is altijd prettig om van deskundigen te vernemen dat ik steeds gelukkiger word en steeds meer tevreden ben over mijn leven. Mocht ik nog twijfelen, dan is dat nu verleden tijd, want het is uitgezocht. Het gaat goed met mijn innerlijke balans.Er wordt wat uitgezocht tegenwoordig. Mijn leven heeft kennelijk voor niemand geheimen meer, en de eerste de beste adverteerder heeft aan één blik op mij genoeg om te constateren dat ik energiek ben, en dat ik me niet druk maak om mijn uiterlijk. Verder schijn ik dus een ontspannen uitstraling te bezitten. Op het moment van schrijven hang ik echter als een zoutzak over mijn laptopje heen en vertoon ik een schrikwekkend uiterlijk middels  een stoppelbaard van enekele dagen, met uitgeholde wangen door de heersende griep. Er zijn ook drie kinderen in huis, en dat drukt de geluksscore ook behoorlijk, zeker in deze pré-5 decemberdagen, want door mijn gedwongen verblijf in bed kom ik niet aan het kopen van cadeautjes en al helemaal niet aan het maken van surprises toe. Extra stress dus. Uit de nieuwe offertes van de ziektenkostenpolis blijkt ook dat ik het komende jaar opnieuw minder te besteden zal hebben en dat ik scherper op de prijs moet letten. Ik heb dus mijn abonnement op de Donald Duck, een eerder Sinterklaasgeschenk van de kinderen, maar vast opgezegd. Verder niks meer van doen met de Sponsor Bingo Loterij en gelijk een einde gemaakt aan mijn maandelijkse bijdrage aan een liefdadigheidsinstantie. Ik moet nog even kijken of ik een goedkopere stroomleverancier kan vinden en misschien kan ik een houtgasgenerator op het dak van de auto monteren, hoewel ik daar misschien niet energiek genoeg voor ben. Ik heb die prestatiedrang niet meer, blijkbaar. Ik heb zo’n buurman die elk weekend van ’s ochtewnds vroeg tot ’s avonds laat aan het klussen is, liefst drie dingen tegelijk.  Maar ja, hij hoort bij de 20 tot 49-jarigen. Wat een gedoe allemaal. Wat een energie. Zeker geen innerlijke balans, die man.

GTST

Wauwel is ziek. Hij ligt in bed. Dat begon al gisteravond, toen Wauwel met hoofdpijn naar de dansles strompelde. Hij had dat niet moeten doen, hij had met leesvoer moeten onderdompelen in een warm bad, om steeds verder onderuit te glijden en na een kwartier te ontdekken dat het boek half in het water is gezakt en dat hij hardop en galmend ligt te snurken.

Deze dag heb ik dus grotendeels in bed doorgebracht, en nu heb ik naast hoofdpijn ook nog een zere duim van het zappen . De meest stompzinnige programma’s zijn weer langsgekomen, en moeders was er ook niet. Moeders moet zorgen voor thee, koekjes en vooral voor groentjes, die vreet de zieke dan op tot hij nog misselijker wordt. Maar het hoort nu eenmaal bij ziek zijn. Ik zit dus nu met de laptop boven op de dekens in een uiterst ongelukkige houding dit stukje te schrijven. Ik had eigenlijk mijn nieuwe Digiscribble willen gebruiken, want zo’n laptop geeft een afschuwelijke partij warmte af en dat schijnt enorm slecht te zijn voor de kwaliteit van je zaad als je 54 bent. Maar zittend achter de tafel is mijn handschrift al moeizaam, hulpeloos in bed hangend zou zelfs de Digiscribble er spijkerschrift van maken.
Op de TV prijst MacDonalds mij de Beemovie-weken aan. Nooit van gehoord, maar door zo’n reclame zou je überhaupt al nooit meer naar zo’n film gaan, zeker niet als elke nieuwe film tegenwoordig op de commerciële zender vergezeld moet gaan van “The Making of the Beemovie”.

Morgen de vijfendertighonderdste Goede Tijden Slechte Tijden. Op het scherm gaat nu een houterige actrice uit de kleren, temidden van bekakt pratend en hortend acterende uit de krachten gegroeide mooie Gooise kinderen. Zelfs het strippen lijkt op een duiker die zijn diepzeepak uittrekt na en afdaling richting Marianentrog. Van deze trieste narigheid, waarin niemand ouder lijkt dan 35 en waar niemand de geestelijke leeftijd van 15 lijkt te zijn ontstegen,  heb ik dus 3499 keer nog nooit een hele aflevering bekeken. Ik ben ook niet meer van deze tijd, geloof ik. Slechte tijden nu.

Grote hemel, het einde der tijden en der beschaving lijkt nabij. Maar dat zal wel komen doordat ik ziek ben. Gauw nog een groentje.

Gehakt met jus

 

Geur. Een geur geeft altijd associaties. althans, zo ervaar ik dat. Van de week fietste ik ’s avonds rond etenstijd naar huis, het was windstil en knisperend koud. Je passeert dan een scala van geuren, zeker als je niet in een villawijk woont met bosrijke lanen maar wanneer je door een volgebouwd woonwijkje moet is dat in het algemeen een feest voor je neus. Elke geur heeft zijn herinnering, geuren vergeet je nooit.
Zo was ik eens na dertig jaar op een reünie van mijn middelbare school, het Marnix College in Haarlem. Ik was daar een uitermate irritant etterbakje, deed dus heel weinig tijdens de les, was snel afgeleid en had dus alle tijd om mij in de omgeving te verdiepen. Dus keek ik naar buiten, in de hoop een glimp op te vangen van de dochter van de conciërge, op wie ik meer dan hopeloos verliefd was. Geen schijn van kans natuurlijk, als lelijk pubertje met een bloempotkapsel en een stoere bomvrije jongensbril met dus-totaal-niet hip montuur. Maar toch, zij was het die er voor zorgde dat ik toch met plezier naar die school ging. De schoolavond, waar je eindeloos lang naar uitkeek. Het slot waarop je hoopte: slijpen met haar op “Samba pa ti” van Santana. Maar mooi dat zij dus met een ander danste. Weer een schoolavond verknald en een illusie armer. Na dertig jaar stond ik weer in dat lokaal, ik deed mijn ogen dicht en snoof de geuren in mij op, en daar, daar was zij weer: zij kwam aanzweven over dat plein, en ik was weer veertien en alles lag nog voor mij…..
De geur van schoollokalen is voor mij de geur van hopeloze verliefdheid.
Van de week dus – we zijn weer terug in de harde realiteit, stoppen met mijmeren graag – fietste ik naar huis en rook achtereenvolgens:

  • Het braden van vlees. Dat is vroeger, thuis, als kind onder de grote lamp, en buiten koud natuurlijk. Straks nog even met je lego spelen en dan naar bed.
  • De uitlaatgassen van een passerende opgevoerde brommer. Dat is vroeger, met mijn vader naar speedboatraces op het Zuider Buitenspaarne, op een stralende dag in de zomer. Het gekabbel van het water tegen de wallekant, de geur van brandstof, de sensatie van het snerpende geluid en het stuivende water, en je vader was daar weer als toen.
  • Verbrand loof: dat is een stille grijze namiddag in Varanasi in 1986, aan de oevers van de rivier, waar de brandstapels dag en nacht roken en waar de rook de ziel van de overledene meeneemt naar de hemel. Je zit daar op de trappen van de ghats en je laat je overweldigen door alles wat je ziet, je waant je in de middeleeuwen, op een andere planeet.
  • Een verpestende stank van rottend vlees. Het zou Varanasi kunnen zijn, maar het is het dorpje B., anno 2007, waar zojuist een vrachtwagen is gepasseerd vol met dode dieren die bij boerderijen zijn opgehaald, en die de stank nog zeker tien minuten laat hangen op de plek waar hij zojuist is gepasseerd. Je zal zo’n chauffeur thuis aan tafel bij de aardappelen met jus krijgen.
  • Een haardvuur. Dat is een dorpje hoog in de bergen, rond de kerst, de sneeuw ligt een meter hoog, je bent geheel geïsoleerd van de buitenwereld en je hoopt er nooit meer vandaan te hoeven. Je hebt alle tijd van de wereld, en voor je ligt de avond  met een glas Glühwein bij het vuur, je van het wandelen vermoeide voeten in je sokken wrijven tegen elkaar in het licht van de vlammen.

Wat je allemaal al niet ervaart in een fietstochtje van tien minuten. Heerlijk toch.

Die pet past iedereen

“De Commissie Gelijke Behandeling (CGB) is van oordeel dat er geen goede argumenten zijn om hoofddoekjes en tulbanden bij de politie te verbieden. ”De consequentie is dat een hoofddoek onder de politiepet gedragen kan worden”, zegt woordvoerder Barbara Bos van de commissie vandaag in De Telegraaf. ”Het is een advies, maar onze adviezen worden meestal niet zomaar ter zijde geschoven.’De CGB wijst erop dat er veel andere Westerse landen zijn waar politiekorpsen religieuze uitingen in hun kleding niet verbieden en dat er vooralsnog ook geen redenen zijn om dit in Nederland wel te doen. In Groot-Brittannië mogen Sikhs bijvoorbeeld een tulband dragen. Overigens zonder een politiepet erop. In Turkije en Frankrijk zijn hoofddoekjes echter weer wel verboden.Het is nu aan PvdA-minister Guusje ter Horst (Binnenlandse Zaken) of ze een landelijk kledingvoorschrift gaat invoeren en of ze daarin hoofddoekjes, keppeltjes en tulbanden toestaat. Ter Horst had de commissie om advies gevraagd omdat politiekorpsen nu nog hun eigen beleid voeren waar het gaat om kledingvoorschriften. De politie wilde meer duidelijkheid wat wel en niet mag.”

Wel, het heeft allemaal lang geduurd, maar het straatbeeld gaat nu een stuk fleuriger worden met al die olijke hoofddeksels waar bovenop dan weer op schalkse wijze een politiepetje is gedrapeerd. Ik heb natuurlijk even mijn fantasie de vrije loop gelaten en alvast een opzetje gegeven van hoe alles er dan binnenkort uit gaat zien.

Ik zie dat straks helemaal voor me, zo’n agent in boerka tegen mij: “Kunt u zich even legitimeren?”

Staakt, makkers!

Rellen op het dorpsplein

Het ondenkbare is dan toch gebeurd. Ook in het immer zo voortsluimerende dorpje B. op de Veluwe hebben zich vandaag tafrelen afgespeeeld die een weldenkend mens alleen maar in de achterbuurten van Amsterdam, die grote stad, zou hebben verwacht. Wat begon als weer een dag op het verstilde platteland ontaardde in een nachtmerrie van dolgeworden scholieren die ons zo geliefde gemeentehuis met EIEREN ( ja Barneveld, hè? ) bekogelden. Inderhaast opgetrommelde veldwachters zullen vermoedelijk met de blanke sabel de verhitte gemoederen uiteen hebben geslagen, en ik heb vernomen dat ook tanks uit de omliggende legerplaatsen zijn opgerukt om op het plein voor ons gemeentepaleis strategische posities in te nemen. Boven het dorp cirkelen helikopters en kolken donkere rookwolken van brandende autowrakken, schoolgebouwen en gemeentewerken, en uitzinnige bendes scholieren trekken plunderend en verkrachtend door de Dorpsstraat op weg naar de chips- en breezerafdeling bij Albert Heijn. Gelukkig bleek de directie van een  technische school alhier door krachtig en onvervaard optreden de woedende meute binnen de hekken te kunnen houden: men schijnt zichzelf aan de hekken te hebben geketend zodat deze niet konden worden geopend zonder enkele managementleden te vierendelen, en dat schijnt de bloeddorstige horde toch wat te machtig te zijn geweest, zeker als je net een kroketje uit de kantine op hebt.
De plaatselijke krant toont ons vanavond door een angstige verslaggever genomen wazige – want van grote afstand gekiekt – foto’s van  groepjes pubers die hevig overleggen over verder te ondernemen acties.  B. in rep en roer!

En dat alles over de 1040-urennorm van verplicht op school zitten, maar wat dat is, dat moet je de scholieren niet vragen. Zo’n lekker tussenuurtje en een beetje rellen moet kunnen. 1040 uur? Nooit van gehoord. Staken? Uitstekend, maar niet op vrijdagmiddag, want dan loop ik mijn krantenwijkje of moet ik indrinken of moet ik vakkenvullen.
Gelukkig wordt de norm een beetje aangepast. Er mogen ook wat uurtjes voor persoonlijke begeleiding in ondergebracht worden, en een aantal uren maatschappelijke stage, zoals vastgekoekte eieren verwijderen van de ramen van een gemeentehuis, erg leerzaam en vormend allemaal. Haast elke leerling heeft tegenwoordig ADHD, het syndroom van Asperger, Borderline, is autistisch, dyslectisch of dyscalculisch, is manisch depressief, vertoont tekenen van agressief gedrag, heeft papier-allergie of geregeld last van Gilles de la Tourette. Je maakt het allemaal mee tegenwoordig, in die 1040 uur dat je ze voor je neus hebt.
1040 uur is wel wat veel ja. Straks moet ik ook nog staken.

Weer weekend (24-11-2007)

Een tijd geleden heb ik hier wat aandacht besteed aan optipsche illusies. Hier weer een aardige: kijk minimaal 30 seconden strak naar dit filmpje ( liefst fullscreen ) en kijk vervolgens ergens anders naar. Leuk schrikeffect!

[youtube]http://nl.youtube.com/watch?v=Bk7CxHCasts[/youtube]

En hier is er nog eentje, met een paar bijzonder aardige effecten:

[youtube]http://nl.youtube.com/watch?v=WvVfcyVCdNA[/youtube]

In de baas z’n tijd nog wel

Met dank aan Peter de Wit : http://www.sigmund.nl/ 

Bij het nagaan van wie er zo allemaal een bezoekje aan dit boeiende weblog van mij brengen, stuitte ik op de dag dat onderwijsminster Plassterk als een “vrolijk mens” in de krant stond, op een ernstige ongereimdheid in de arbeidsethiek van bepaalde collega’s.
Tot mijn verbijstering ontdekte ik dat om 12.53 uur, een collega van het Johannes Fontanus College in het plaatsje Barneveld op de Veluwe ( van die zwijnen, ja ) mijn site heeft bezocht en deze ook nog als bookmark heeft toegevoegd.
Dat kan een aantal oorzaken hebben:

  1. Deze collega heeft pauze. Tijdens de pauze hoort een docent beschikbaar te zijn om vragen van leerlingen of verontrustende ouders te beantwoorden. Als die vragen er niet zijn, dan is de docent gerechtigd om in de personeelskamer zijn of haar boterhammetje met tevredenheid te nuttigen. De pauze is zeker niet bedoeld om een beetje voor privé te gaan rondsurfen naar onbeduidende sites zoals deze en als daar vaak ook nog zulk ongunstig taalgebruik ten opzichte van allerlei mooie onderwijsvernieuwingen wordt gebezigd dan is het al helemaal mis.
  2. Deze collega is 52 jaar of ouder en heeft zojuist  uit de krant vernomen dat de Minister van Onderwijs heeft besloten de salarisverhoging van docenten te bekostigen uit het langer laten doorwerken van ouderen en het halveren van vrije dagen van deze groep. Deze persoon ziet zich dus op zeventigjarige leeftijd nog voor de klas staan of hangen, overeind gehouden door een infuus en allerlei kabels die via de door school verstrekte rollator naar zijn gehoorapparaat of wat voor vitaal lichaamsdeel dan ook lopen. Deze persoon is door dat denkbeeld dermate van streek geraakt, dat hij of zij besloten heeft de pijp terstond aan Maarten te geven, en opruiende websites te bezoeken in de baas z’n tijd, in de hoop dat zo een arbeidsconflict ontstaat waardoor hij of zij het tot zijn pensioen thuis achter de geraniums kan uitzingen.
  3. De collega is jonger dan 52 en gewoon bezig met de les volgens de methode waarbij leerlingen zelf hun leervraag bepalen. Maar aangezien het vrijdagmiddag is bezit de leerling naar alle waarschijnlijkheid geen enkele behoefte meer om wat voor leervraag dan ook te stellen, en is de leerling reeds lang vertrokken om de competentie “zelfredzaamheid in lastige maatschappelijke situaties” in de Mac Donalds uit te proberen. Gevolg is een lege leertuin annex uitdagende leeromgeving, waarin alleen de docent als coach nog een beetje zit te internetten  op zoek naar een zinvolle aanvulling op zijn Persoonlijk Ontwikkelings Plan. Een link naar Wauwel doet het daarin natuurlijk altijd goed. 
  4. De persoon is geen docent maar leerling die niet aan de 1040-urennorm voldoet en dus op vrijdagmiddag al vrij is maar die nog wat in de leerwerkruimte wil MSN-nen en nog wat Googlen op zoek naar een leuk kant-en-klaar werkstukje.

Maar goed, in alle gevallen draag ik de onverlaat voor schorsing voor en ik verzoek de persoon in kwestie dan ook eerlijk voor zijn of haar daad uit te komen middels het klikken op “Reacties”, en vervolgens te vermelden wat hij of zij hier eigenlijk zocht.  Ik zou trouwens van alle vaste bezoekers wel eens willen weten wie ze zijn en waarom ze hier komen. Reageren dus maar.