Vote me! Vote me!

Hoe komt het toch dat ik de campagnes van onze beide toekomstige would-be wereldleiders zo onecht vind? Of je nu naar McCain of Obama luistert, voortdurend hoor ik op de achtergrond een team van fluisterende en sissende taalkundigen, sociologen, psychologen, marketing-deskundigen, media-deskundigen, propaganda-experts, noem maar op, die elk uit te spreken woord op een goudschaaltje wegen en tot op de seconde nauwkeurig bepalen wanneer dat uitgesproken moet worden, welke impact dat mogelijk op de kiezer zou kunnen hebben en welk schijnheilig gezicht daarbij getrokken zou moeten worden. Of je naar Tell-Sell zit te kijken: wij hebben nu een produkt wat alle andere in de schaduw stelt, dit zal uw leven veranderen ( applaus uit de zaal ).
Ik mag het eigenlijk niet zeggen, maar zo’n oma van Obama, die één dag voor de verkiezingen overlijdt, dat is natuurlijk een geschenk uit de hemel, waar de mannetjesmakers ongetwijfeld de nodige weddenschappen op hadden gezet. Werkelijk perfecte timing, en de voorgekookte woorden van verdriet van Obama zullen de nodige extra kiezers over de streep trekken, want emoties doen het goed bij de Amerikanen.

Waarom moet een verkiezing van iemand, die in feite de baas van de wereld wordt, want zo zie ik het toch wel, met zoveel show gepaard moet gaan? Daardoor ga je je afvragen: Wat denkt en wil zo’n man nu eigenlijk zelf? Zal of wil hij ooit een eigen mening verkondigen?
Er hangt nogal wat van af, van zo’n persoon, daarom zou ik ook graag een wat serieuzere presentatie gehad willen hebben.
Beide partijen hebben in de aanloop niets anders gedaan dat te proberen zoveel mogelijk narigheid uit elkaars verleden op te rakelen, alsof dat hèt overtuigende argument zou zijn.
Verder is de macht en de invoeid van de media daar natuurlijk enorm. die bepalen in grote mate de kans op succes. Dus, als een boodschap niet lekker ligt bij de media, maar wel inhoudelijk belangrijk zou zijn, dan komt deze toch niet over.
Het Amerikaanse volk kiest m.i. te veel op basis van uiterlijk vertoon, en niet op basis van inhoud. Dat is wat mij zorgen baart. Er hangt gewoon te veel van af voor onze wereld.

Nog een dag, dan zijn we weer van de verkoopdemonstraties verlost. Of we nou McCain of Obama krijgen, ik denk niet dat het heel veel uitmaakt.  Misschien dat we met Obama iets beter uit zijn. Op het podium hangt misschien een sprekende marionet aan draadjes, en achter de gordijnen is het voortdurende gestommel en geroezemoes van hen die aan de touwtjes trekken. Hopelijk valt het mee. Vanavond zullen we het weten….

Twitter, twitterde, getwitterd

Wauwel volgen? Ja, dat moet je ergens op de een of andere manier kunnen regelen.....

De mens is soms een exhibitionistisch wezen. Op de meest krankzinnige momenten krijgt hij de narcistische behoefte om zich eens even flink te etaleren. Het internet heeft daarvoor al weer geruime tijd een nieuw hulpmiddel in de aanbieding: Twitter, wat je zou kunnen vergelijken met een soort digitaal potloodventen, maar dan op een nette redelijk nette manier. Zeg het met woorden.

Hoe gaat dat. Je neemt bijvoorbeeld je mobieltje en typt daar een berichtje in, wat vervolgens naar een website gestuurd wordt. Op die website heb je ooit een profiel aangemaakt, waarin je natuurlijk ook je diepe zieleroerselen uitvoerig uit de doeken doet, want het is belangrijk dat een ander zoveel mogelijk van je te weten komt. Alles wat in je opkomt, kraam je er gelijk uit, een soort digitale adhd-er ben je dus. Nu is ADHD vreselijk in, dus Twitter ook. ADHD is ook echt iets hips onder jongeren, dus die Twitteren ook heel veel. Je wilt tenslotte alles van elkaar weten. De naam is goed gekozen. Zo krijgt het internet iets van een enorme vogelkooi, waar een bonte verzameling vogeltjes  en vogels dwars door elkaar roept. Zie je er een leuk vogeltje tussen zitten, dan voeg je die aan jouw eigen volière toe, die gaandeweg met steeds meer getsjilp gevuld wordt, en zoals dat gaat met vogels: hoe meer je er hebt hoe aanlokkelijker het gezang. Net als alle andere gevederde vrienden roep  je instinctmatig wat je voor de mond komt, en niemand die je op de vingers tikt omdat je nu eens eindelijk je mond moet houden. Ongegeneerd ADHD. Het mag in deze tijd.

Wauwel kan dan natuurlijk niet achterblijven. De eenzame roep van een bedaagde dodo tussen al het jong gekwetter. Een soort Oehoeboeroe ( voor de kenners: dat was een oude wijze uil bij Paulus de Boskabouter )

Misschien is er nog een plekje in de volière.

Hangen

In een of ander onderwijsblad stond vandaag een foto van een groepje knullen in een klas: drie onderuit gezakte lieden, met de benen wijd, hangend op de stoel alsof die een deel van hun lichaam moest worden, en het hoofd nèt iets boven de tafel uit. Geen boeken of zo voor de neus. Die neuzen waren trouwens überhaupt slecht zichtbaar, want alle drie waren ze gehuld in dikke winterjacks of sweaters, met capuchon en das, en natuurlijk het onvermijdelijke honkbalpetje op het hoofd.  Kan ook niet zonder mobieltje. “Wil je dat even uitdoen”; voor de vorm drukken ze dan ergens op, en even later hé, wat raar, ik had hem toch echt uitgezet meneer. Beetje toonbeeld van de moderne scholier dus, die om ondoorgrondelijke redenen altijd met de jas aan in de klas moet hangen, als ware daar een nieuwe ijstijd ingetreden. Ook qua beweeglijkheid lijkt de permafrost bij velen te hebben toegeslagen. Daar heb je er dan vijfentwintig van geregeld voor je neus.

Zo’n foto is duidelijk door iemand van “inside” de school genomen, ten behoeve van dit artikel. De slachtoffers hadden er duidelijk geen zin in. Wat is dat toch, dat niet op de foto willen?  Zodra ook maar ergens een camera in de buurt komt, hult men zich in jacks, sjaals en capuchons, of men poogt tot voorbij het laaghangend kruis van zo’n baggy broek weg te zakken. Alsof het lieden met een strafblad betreft, of zo’n shot wat je wel eens op het journaal ziet, waarbij vanuit een auto een groepje hangjongeren wordt gefilmd. altijd dat wegduiken….

Nee, dan moet je ze op Hyves zien. Men doet de grootste moeite om maar bij iedereen met een mobieltje waar een camera op zit, in beeld te komen, bij voorkeur in de meest onvoordelige poses. Dikke neuzen vak voor de lens, veel van die rap-gebaren  met drie vingers omlaag, en vooral om mekaars nek hangend tijdens een gezellig avondje coma-zuipen. Je uiterlijk is dus voor de doorsnee puber reuze belangrijk, maar dat mag alleen maar door een leeftijdgenoot worden gezien. Niet door zo’n bejaarde gek vanachter een fotocamera, omdat die zo nodig je kop in een of ander onderwijsblad wil hebben. Je zal wel gek zijn, een beetje rechtop gaan zitten: straks lijkt het nog of je wat doet. Wat zullen je vrienden daar wel niet van zeggen. Jas aan, pet op, en hangen maar. Vèt man, yessss.

Maar ach, op de een of andere manier steken ze toch wat op, hoewel het natuurlijk weer reuze genant is om daar voor uit te komen. We zullen er dus maar aan moeten wennen, aan die petjes en dat gehang. Als docent moet je enorm fantasievol wezen. Zie ze dus maar voor je geestesoog in een keurig schooluniform of zo. Het verstand komt met de jaren, en eigenlijk is er helemaal niks veranderd.

Contemplatie en bezinning

Dit stukje moet u niet lezen tijdens of vlak voor de maaltijd, want het heeft misschien een wat onsmakelijke teneur, maar bijvoorbeeld tijdens een moment van contemplatie en bezinning op een rustig plekje in uw huis. Daarvoor is natuurlijk geen uitgelezener plek dan het toilet. Hoe kom ik daar nu weer in vredesnaam bij?

Wel, oplettende lezertjes weten misschien dat ik sinds een aantal weken de gelukkig bezitter ben van een iPhone. Dit hebbedingetje, wat je leven onherstelbaar verandert, heeft allerlei aardige eigenschappen. Je kunt er allerlei nuttige of volslagen nutteloze programmaatjes op zetten, zoals een applicatie waarmee je met je iPhone een foto maakt, die vervolgens naar een wildvreemd persoon op aarde wordt gestuurd. Op hetzelfde moment krijg je ook een foto van een willekeurige andere vreemde ergens op aarde terug, met eventueel de mogelijkheid aan deze persoon iets terug te sturen, als antwoord op de ontvangen afbeelding. Zo stuur ik nogal eens een foto van – heel interessant – de beschuitbus deze aardbol over, omdat die toevallig voor mijn neus staat bij het ontbijt; als mijn vrouw nog niet beneden is moet je tegenwoordig toch wat zonder krant. Meestal komt er dan ook een stukje ontbijttafel terug.

Ook worden er veel katten rondgestuurd. Die liggen geregeld net als de mijne op schoot, dus is het handig om daar even een plaatje van te schieten, en ik ben blijkbaar niet de enige die daar zo over denkt.  Men zit of hangt wat op de bank trouwens, al spelend met de iPhone. Ik heb al tientallen foto’s binnen van benen en die met sokken aan de voeten ergens op de tafel voor hen rusten. De iPhone-wereldbevolking gebruikt deze gadget dus vooral op de bank, en dan ook nog eens als men zich stierlijk verveelt. Waarom ga je anders je voeten fotograferen?
Het aardige is, dat je precies op de bij de iPhone meegeleverde Google Maps kunt zien waar je ontvangen foto’s vandaan komen, tot op de meter nauwkeurig. Vieze foto’s worden niet verstuurd. Gebeurt zoiets, dan kun je de afzender rapporteren aan een strenge iPhone-meneer, die vervolgens de schuldige blokkeert en diens iPhone laat ontploffen, denk ik zo.

Nu weer even terug naar de titel van mijn verhaal. Oplettende lezers zullen hebben opgemerkt dat de layout van dit weblog een redelijk ingrijpende verandering heeft ondergaan. Ook dat is de schuld van mijn iPhone. Wauwel is nu overal goed te lezen, bijvoorbeeld vanaf de iPhone tijdens een moment van contemplatie en bezinning op het toilet. Waar je vroeger de krant meenam, neem je nu je mobieltje mee, en kun je ongestoord genieten van toekomstige schrijfsels. Of van je mail, want op die plek las ik een mailtje van een blijde lezer, dat hij nu eindelijk dit weblog ook goed vanaf zijn iPhone kon lezen. Waar de stoelgang al niet goed voor is.

YouTube-juweeltjes (2)

Weer een kunstig stukje videobewerking, vergezeld door al even kunstige muziek:

[youtube]http://nl.youtube.com/watch?v=–3slK2O_Dk[/youtube]

Dat is schrikken !

Schrik niet, lieve lezer. Wauwel experimenteert dit weekend even met wat nieuwe en absoluut vreselijke layouts. Ongetwijfeld zal alles bij het oude blijven, maar niet geschoten is altijd mis. Ook kunt u dit weekend weer wat nieuwe bijdragen verwachten, maar dat zal wel zondag worden.

Commentaar en suggesties voor een verfrisschende verandering zijn altijd welkom. Dat kunt u doen door op de titel van dit stukje te klikken.

UPDATE: Ik vind deze eigenlijk wel mooi. Misschien hier en daar nog wat kleine wijzigingen aan de layout, maar dit gaat het voorlopig wel zo worden denk ik, tot zich weer een nieuwe identiteitscrisis aandient…..

Academikussen

Vanmmiddag viel mij de eer ten deel één van mijn dochters te mogen kussen wegens het behalen van haar psychologie-bul. De academische bloem der natie was met aanhang in Utrecht bijeengekomen om te luisteren naar de opbeurende woorden van Drs. Siebe Doosje die de afgestudeerden nog eens stevig in het zonnetje zette.
De zaal zinderde van wetenschap en intelligentie, en dat is natuurlijk aangenaam toeven wanneer je een week lang tussen iets minder geleerde lieden hebt doorgebracht. En passant vertelde de inleider dat hij eens een cursus humor aan een student had gegeven, en – humoristisch als ik mij zelf vind – dat wekt interesse. Bij navraag bleek dat over de hele wereld enkele honderden wetenschappers zich met het begrip “humor” bezig houden, bijvoorbeeld om te onderzoeken of humor kan helpen bij het verwerken van traumatische ervaringen. Nu kan ik vanuit mijn onderwijservaring meedelen dat een plezierig weekend bevrijdend kan werken na een week lesgeven. Dat onderzoek is bij dezen afgerond.

Bestaat er zoiets als de ideale vorm van humor? Nee, dat is niet het geval. Platvloerse humor zou in principe evenveel waarde kunnen hebben als droge, Engelse humor, waar ik nu juist een groot voorstander van ben. Een groot deel van de Nederlandse bevolking begint te schateren bij het horen en zien van onsmakelijke lieden als de Toppers, hetgeen mij doet vermoeden dat een dergelijke humor uitsluitend bij lieden op het niveau van een Neanderthaler aanwezig is. Ook dat klopt dus weer aardig. Zó ik al om een grol van genoemde drie eencelligen zou kunnen lachen, dan zou men dat gemakkelijk met een locale rigor mortis kunnen verwarren. Alleen de gedachte al aan die drie koppen verpest mijn  humeur weer danig. Daar moet weer een stevige cursus humor tegen aan. Doe mij dan bijvoorbeeld maar tien herhalingen van Fawlty Towers achter  elkaar, dan kan ik er zeker weer een jaar tegen. Ik weet echter dat mijn afschuw van de Toppers mij niet te veel lezers zal kosten, want wie van dergelijke lol houdt verkeert nog danig in de pré-natale fase en zal daar wel nooit uitraken ook om een poging te ondernemen naast de “A” ook de “B” aan te leren.

Maar goed, Wauwel gaat eens op internet academisch speuren naar het heilzame effect van humor. Lachen is gezond.