Wie de vijfenvijftig is gepasseerd zal merken dat lichaam: het dijt verder uit, en geest: niet meer zo flexibel, ook een tikje verder aftakelen. Als vijfenvijftig-plusser hecht ik aan oude waarden, en de geringste veranderng daarin kan je in een crisis storten.
Nu heb ik geen geld bij Icessave uitstaan en al lang geen aandelen meer op de beurs, dus van de financiële crisis heb ik niet veel last – “Ga direct langs Bos en ontvang elf miljard euro”. zo was de inhoud van een ingezonden brief in de krant gisteren, onder de kop “Monopoly”.
Wel verkeerde ik al enige tijd in een lichte geloofscrisis ( als je ouder wordt zoek je bij steeds meer zaken steun ), dus werd het vanochtend tijd om weer eens een religieuze lafenis tot mij te nemen in de vorm van een bezoek aan de plaatselijke kerk, waarvan er hier in dorpje B. op de Veluwe een ruime keus voorradig is.
Zo zocht ik dus welgemoed mijn vaste plekje weer op. Wie schetste mijn verbijstering toen de dominee en de ouderlingen ineens door een andere deur dan voor mij gebruikelijk naar binnen kwamen wandelen. Tot overmaat van modernisme had de voorganger ook nog eens een lichtgekleurd pak met opvallende stropdas aan, waar dat vroeger ( vorige maand ), altijd stemmig donker was. Er maakte zich nog nèt geen totale ontreddering van mij meester, maar we leven blijkbaar in een wereld waar de zekerheden als zand door onze vingers heen wegglippen, en waar je van de ene in de andere crisis wordt gestort.
Gelukkig konden we gisteren ook in de krant lezen dat het onderwijsveld in Nederland steeds meer terugkeert naar oude normen en waarden, want ook daar heeft de crisis toegeslagen. De kennisgrafiek vertoont een enorme neergaande curve: er verschijnt binnenkort weer een rekenboek waarin we ouderwets gaan hameren met staartdelingen, eindeloos herhalen tot de leerstof erin geramd zit. In tijden van ( reken ) crisis zoekt men steun en houvast bij wat zeker en beproefd is. Een kennis van mij leerde vroeger alle Duitse voorzetselrijtjes uit haar hoofd. Zij kan ze nog als één lange zin opdreunen, zó bang was zij voor die leraar, maar zodra ze ze afzonderlijk zou moeten lezen en verklaren, zou ze geen idee hebben. Dat laatste pleit natuurlijk niet voor de ouderwetse manier van leren, maar niet alles hoeft gelukkig te worden verklaard en begrepen vanuit een groter geheel.
Gewoon weer eens ouderwets reken- en spellingsoefeningen dus, en topografische rijtjes leren. Mit, nach, nebst, samt, bei, seit, von und so weiter. Ik weet het nog. Wat heerlijk om nog enige zekerheid in dit leven te hebben. Zeker als je puber bent, of docent van vijfenvijftig.

Heb begrepen dat een van de kerkeraadsleden van deze zijdeur gebruik moest maken. Sociaalwenselijk gedrag zorgde dat de rest volgde.