Weer weekend

Nu we toch even met filmpjes bezig zijn, dat mag in het weekend, is hier nog een leuke van een altijd weer dankbaar object. Katten doen hun naam eer aan en blijven onverstoorbaar, hoe je ze ook toetakelt, aankleedt, belachelijk en bespottelijk maakt, noem maar op.

[youtube]http://www.youtube.com/watch?v=PGkQkVQt7ak[/youtube]

Klok:een uur stil

Vanavond moet de klok een uur vooruit. Dat betekent een rondgang langs alle mogelijke electronische apparatuur, waar een beetje gemoderniseerd persoon toch al gauw een kwartier mee bezig is. Morgen weer opstaan in diepe duisternis.  Zou het niet eens aardig zijn om de tijd eens een uur stil te zetten, inclusief alle activiteiten en beweging? Een uur lang verplichte rust voor de hele wereld. Lichten uit, alles uit, niets doen en op bed gaan liggen. Eindelijk houdt iedereen eens even zijn mond dicht, stopt met consumeren, ruzie maken, oorlog voeren, lawaai produceren, uitlaatgassen produceren, rommel produceren. Alleen nog denken of misschien zelfs dat niet meer. De stilte op je in laten werken. Eén uur lang, iedereen.

De gevolgen zouden enorm kunnen zijn, als je alleen al kijkt naar het energiegebruik. Het collectieve denken van miljarden mensen zou een schat aan nieuwe ideeën kunnen opleveren. Men zou een andere kijk op de wereld krijgen, de wereld anders zien en anders waarderen.
Op het Grand Central Station in New York, niet direct een oord van contemplatie en bezinning, hebben enige honderden personen het eens uitgeprobeerd. Bevriezen voor een aantal minuten. Dat resulteerde in het volgende fascinerende filmpje:

[youtube]http://www.youtube.com/watch?v=jwMj3PJDxuo[/youtube]

Refo, the Movie

Paniek in het dorpje B. op de Veluwe: het Boze Oog is daar gesignaleerd. Stadse lieden hebben met een echte televisiecamera ( ja, zo heet zo’n ding dus ook ) op kwaadaardige wijze uitspraken ontlokt aan argeloze burgers, die voor de middag-aardappelen met sju hun boodschapjes deden op de markt.
Een koster die persoonlijk de strijd aanbond met de trawanten van de duivel en de plaatselijke veldwachter op hen afstuurde. Pak ze, Kazan!
De hele wereld weet nu waar B. ligt ( vandaag trouwens per trein weer redelijk onbereikbaar, net als de site waarop Fitna nu eindelijk te zien is ), dit zal een nog slechtere indruk van ons land achterlaten dan Fitna the Movie. “Refo the Movie” zal ongetwijfeld de volgende stap zijn in de aftakeling van B. Miljoenen  zullen de terugkeer van B. naar de steentijd kunnen aanschouwen, de verwording van B. tot een onneembaar reformatorisch Bastion, met een afstotende barse steenbarrière aan de zuidrand die alle oprukkende heidenen, moslims en andere bedreigers van het enige ware geloof de moed in de schoenen zal doen zinken, al is het alleen al door de hoogte van de bouwsels, die doet verwachten dat hier- tegen alle broeikaseffecten in- binnenkort de eerste verschijnselen van eeuwige sneeuw op het dak zulen worden waargenomen.

Op zondag voortaan niemand meer er in of er uit, op orders van de burgervader persoonlijk. Treinen zullen nu echt nooit meer stoppen in B, de Amish kunnen het tenslotte ook met koetsjes af. Als we dan toch belachelijk gemaakt worden, laten we dan maar gelijk de kop goed in de wind gooien.
Naast het weer-alarm en het moslim-alarm nu ook een refo-alarm. Zullen woedende refo’s ten strijde trekken tegen de Hilversumse TV-zenders en vervolgens de rest van de wereld in?
We zullen in angst en beven moeten afwachten. Volgens de Homepage van de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding is de dreiging nu substantieel. ’t Is allemaal de schuld van B. op de Veluwe. Niks Wilders

Homo Roboticus

Wauwel schrijft dit stukje na een enerverende dag vanuit Maastricht, en wel op de conferentie “Design 4all”, georganiseerd door het Consortium voor Innovatie. Enerverend, maar ook wel een beetje moedeloos makend, want vandaag heb ik te horen gekregen dat de mens zijn langste tijd wel heeft gehad. Nog een jaartje of tien, en de stukjes van Wauwel worden geschreven door een robot met mensachtige trekjes. Over tien jaar loopt Wauwel langs een draadloos netwerkpunt en laadt en passant even de hersens op middels diverse ingebouwde geheugenbankjes en chips. Ik zal dan ook geen last meer hebben van een gruwelijk zere rug, want de organisatie hier heeft vandaag gemeend de bezoekers van diverse workshops op kartonnen dozen te laten plaatsnemen. Gezien de gemiddelde leeftijd van de congresgangers moet dat toch een behoorlijke martelgang zijn geweest. Was ik nu twintig jaar verder, dan had ik al lang wat pijnonderdrukkende chipjes laten implanteren. Een en ander moet natuurlijk van mij afgeschreven worden middels dit weblogje, en dankzij de welwillende medewerking van de Web 2.0-hoek van Kennisnet lukt dat weer heel aardig.

Ja, hoe verloopt zo’n dag verder?  ’t Is natuurlijk even wennen aan al dat Limburgs om je heen. Laat ik het voorzichtig zeggen: die provincie zou zich toch moeten aansluiten bij België. Verder waren er wat weinig hebbedingetjes bij de diverse stands en dat is voor de doorsnee docent toch wel een beetje een schok. Dan waren er de onvermijdelijke verbindingsproblemen die toch altijd weer bij een of andere workshop optreden. Dat schijnt specifiek voor ICT te zijn.

Vanavond is er dan ontspanning, waarbij keuze uit diverse programma’s; zo schijn ik iets te moeten doen met klankschalen en zo, maar stel je toch voor dat je daar ook je sokken bij uit moet trekken: daar heb ik even niet op gerekend. Ook zie ik geestelijk voorbereidende fotootjes van lieden die in allerlei onwaarschijnlijke houdingen over de grond rollen, en weer ergens anders moet je liedjes gaan zingen in een Idols-achtige setting. Dat betekent op slinkse wijze het conferentie-oord verlaten, op weg naar het hotel alwaar ik amechtig zappend de avond uitgeput op bed zal doorbrengen, want ik ben nog lang geen homo roboticus, eerder Homo Gestrektus.

Gelukkig weet ik mij enigszins geestelijk gesteund dooor de inleider van vanochtend, een belangrijke baas bij Sun, met futuristische denkbeelden ( en ook al van mijn leeftijd ja. ). Hij had het nog over dubbeltjes en kwartjes.  Onderzoekt alle dingen, en behoudt het goede, zou ik zeggen. Ook in de toekomst. Morgen meer.

Belasting al ingevuld?

Als ik ergens een hekel aan heb dan is het wel aan het invullen van de belastingpapieren. Ik heb sowieso een hekel aan het invullen van papieren, en dus laat ik die altijd tot enorme stapels aangroeien, waarna ik er dan op een onbewaakt moment doorheen jaag met perforator, rekenmachine en internetbankieren, want meestal moet er betaald worden. Het gezin presteert het dan om mij tijdens het verwerken met de meest irrelevante vragen en opmerkingen lastig te vallen: of ik even opnieuw Word wil installeren op de zoldercomputer, of ik mijn sokken al van de waslijn gehaald heb en waarom er een hamer op de piano beneden ligt.

Op de een of andere manier heb ik elk jaar weer een totaal ander aangiftebedrag dan het jaar daarvoor, en meestal is dat lager. Ik doe dus vermoedelijk telkens iets fout, en ik hoop er dan maar weer op dat men mij maar een eenvoudig visje vindt en niet te veel moeite zal doen om de aangifte eens stevig uit te pluizen. Ik ben dan ook maar een simpel docentje, en die beroepsgroep heeft nu niet bepaald een inkomen waarvan men zich ook nog eens een eigen fulltime belastingdeskundige kan permitteren om alle mazen van de belastingwet te vinden.
Ziektekosten: ik kijk er niet eens meer naar. Ik kom toch niet boven de drempel uit. Giften: veel te vrekkig. Ook te gierig om een Elseviers Belastingalmanak aan te schaffen; volgens mij is dat alleen maar interessant voor mensen die in Bloemendaal en Wassenaar of zo wonen. Studiekosten voor de kinderen: ik doe een poging, maar het is zo ingewikkeld dat ik de moed wel op zal geven.

Volgens mij zit daar een of ander doortrapt beleid achter: maak alles zó ondoorgrondelijk dat men moedeloos wordt en elke poging tot serieuze teruggave staakt. Eigenlijk zou het belastingbiljet in de vorm van een eenvoudig stripverhaaltje moeten worden aangeboden. Of als een computerprogramma wat alle maximale aftrekposten al kant en klaar voor je heeft ingevuld en berekend. Het enige wat je dan moet doen is je beroep en je leeftijd en nog wat vaste gegevens invullen, en daar hoort dan automatisch die bepaalde aangifte bij. Digicode eronder en klaar.
Die digicode ben ik trouwens al weer kwijt, en ook de bijbehorende gebruikersnaam is mij ontschoten. Ja, weet ik veel, ik zit op zóveel verschillende internetsites waar je codes en gebruikersnamen voor nodig hebt. Dat moet ik dus allemaal weer opnieuw aanvragen. 1 april wordt dus weer eens een onhaalbare kaart. Straks moet ik het allemaal weer aan de inspecteur gaan uitleggen. Wie doet mij nu eens even een genereuze schenking?

RIP Paashaas

Terwijl het hele gezin eendrachtig en in vredige sfeer om het paasontbijt geschaard zat, meende één van de katten des huizes, genaamd Thijs, ook een duit in het zakje te moeten doen door er voor te zorgen dat er volgend jaar géén paashaas in het land zal zijn.
Zo hebben wij een stukje weiland achter het huis, waar –  ernstig bedreigd door de tot in de hemel reikende bouwactiviteiten van de inmiddels  landelijke beruchte refo-dome’s – enkele hazen domicilie hebben. En zoals dat gaat met dieren die op konijnen lijken: ze hebben ook jonkies. Nu heeft onze Thijs ( 15 ) op zijn oude dag nog last van een stevig jachtinstinct, en zo meldde hij zich klagelijk mauwend bij de deur met in zijn bek zo’n schattig, hummelig, maar niet meer te redden paashaasje. Dat gaf natuurlijk enige paniek aan de dis.

Om onduidelijke reden willen onze katten altijd met hun buit naar binnen, blijkbaar om te laten wat ze gevangen hebben. Toen Thijs nog jonger was, kwam het geregeld voor dat hij ’s nachts met de buit in de bek tegen de schutting opsprong, om uiteindelijk ons vanaf het balkon van onze slaapkamer wakker te mauwen op zo’n manier, dat wij gelijk wisten van : O, hij heeft weer wat. Hij hield dan oook pas op als wij even door het gordijn gekeken hadden en enige opbeurende woorden met hem wisselden. Als we dan weer in bed lagen hoorde je hem met afschuwelijk krakende geluiden een dure goudvis uit onze vijver of zo naar binnen werken.

’s Ochtends werden wij vaak verblijd met allerlei stoffelijke overschotten op de voordeurmat, en als je gehaast naar je werk wilde en je lette even niet op, was je weer bezig één of ander aangevreten kadavertje in de kokosmat te werken. Ratten, muizen, mollen, een enorm groot konijn zonder oor, vogeltjes ( bij voorkeur zeldzame ), goudvissen, kikkers, ongeveer vier hamsters ( van de kinderen ); er is heel wat naar binnen gewerkt.  Thijs is echter het meest geobsedeerd door konijnen. Een aantal jaren geleden kwam hij ’s avonds met een jong konijntje thuis, en binnen een half uur met een tweede. Blijkbaar had hij weer een of ander slecht afgesloten hok gevonden, en dat betekende dus ergens in de straat een hoop kindergeschrei de volgende morgen als men de brute roof zou ontdekken. Zéér tegen zijn zin konden we onze moordmachine een nachtje binnenhouden, in de hoop dat hij zijn walgelijke neigingen dan wel vergeten zou zijn. ’s Ochtends was hij na tien minuten terug, met konijntje nummer drie. Een voorzichtige wandeling door de buurt leverde ogenschijnlijk geen leeggeroofde konijnenhokken op. Ja vòòr je het weet kun je drie konijnen vergoeden en heb je een woedende buurman achter je aan.

Maar goed, wij hebben verder op paasmorgen heerlijk ontbeten en onze kat ook, want na een uurtje vond ik buiten achter een stapel planken nog een half paashaaslijkje, en dat heb ik maar in het weiland gegooid; hebben de meeuwen ook nog een smakelijk paashapje. Thijs is nu weer aan de brokjes. ’t Is behelpen, ja.

50-plussers, verenigt u!

Gisteren was Wauwel dus vergeefs naar de residentie afgereisd om daar  mogelijk lauweren te oogsten bij de verkiezing van Beste Weblog op Onderwijsgebied. De winnaar werd uiteindelijk een jongmens met een weblog over bibliotheken, waarbij ik toch altijd een beetje moet denken aan frikkige ongetrouwde juffrouwen die over een brilletje heen streng kijkend tot stilte manen. De link met onderwijs ontging mij dus eningszins, maar de jury dacht daar anders over.
Het onderwijs werd vermanend toegesproken in een zaal vol twintigers, dertigers en een enkele veertiger, en als vijftigplusser was ik dus een behoorlijk vreemde eend in de bijt. Gelukkig had ik wat backup meegenomen, anders zou het helemaal zo’n sneue toestand geworden zijn.
De onderwijswebloggers werd verweten oud te zijn, en inderdaad, er was nog een andere onderwijsweblogger aanwezig die ook de twintig reeds lang was gepasseerd. Met de snackjes was duidelijk ook geen rekening gehouden met mogelijke kunstgebitten, en ook het gesproken woord was voor de oudere medemens wat moeilijk te volgen door het hoge spreektempo en het bezigen van allerlei uitdrukkingen waar ik maar zelden van hoor;  wie een beetje mee wil tellen in weblogland moet dus twitteren, en doe je dat niet, dan ben je wel zóóó 2007. Wie twittert, maakt bijvoorbeeld bij elke scheet die hij of zij laat daar via een sms-je melding van op een weblog ergens op internet, zodat de hele wereld ongeveer 24 uur per etmaal op de hoogte is van je doen en ( winden ) laten. Heel hip allemaal en heel trendy.

Met mijn spatelvormige worstvingers vind ik het al een hele opgave om zo één of twee keer per dag een gewone sms te sturen, dus dat getwitter is aan mij ook al niet besteed, en wie zou er op mijn oprispingen zitten wachten?

7:45 – Voor spiegel in badkamer neushaartjes met Klipette aangevallen.
7:51 – Dopje van tube Sperti rolt onder kast.
7:52 – Met broek op knieën dubbelgevouwen zoeken
7:52 – Echtgenote betreedt badkamer: “Wat doe JIJ daar nou?”
7:53 – Lang nadruppelen op toilet
7:56 – Nog steeds lang nadruppelen
 

Boeiend hè? Maar goed: ook tijdens lang nadruppelen kan een mens tot boeiende ideeën komen. Ik wil u daar even deelgenoot van maken, zonder Twitter ( en het is ook niet tijdens lang nadruppelen ontstaan trouwens – ja neem gerust nog een hapje eten- ):

Ik zou een coming out voor internettende Vijftigplussers willen voorstellen, die nu nog allemaal stiekum en beschroomd op hun computer aardige en creatieve weblogs maken, want het verstand komt met de jaren, dat bleek gisteren wel weer. Het aandal vijftigplussers op internet neemt flink toe, zo bleek onlangs uit onderzoek, en het wordt tijd eens een andere wind te laten waaien dan die van hip en jong internettend ons-kent-ons-Nederland.

Tijd voor de Vijftig Plus Blog Award dus! Nu gaan wij eens lawaai maken en ons ding doen. Werp uw rollators, wandelstokken en kunstheupen verre van u, kruip achter het toetsenbord ( al dan niet met extra grote toetsen )  en begin vandaag uw nieuwe leven: ga bloggen ! Want dat is heel erg leuk, of je nou oud, of jong bent!

Reacties en medestrijders natuurlijk welkom ( de jeugd mag ook reageren trouwens )