Zo nu en dan heb ik de eer om lessen informatica te mogen geven aan een groepje leerlingen – die ik verder ‘studenten’ zal noemen- van de afdeling “Mighty Machines”. Dat heeft niets te maken met robot-technologie, maar alles met trekkers, mest, modder, tankwagens met varkensgier en hoken bij Jovink of Normaal. Beide sites kunnen tot het culturele erfgoed van de Lage Landen gerekend worden.
De studenten van de opleiding Mighty Machines, heetten eerst frissche boerenzonen die één dag in de week een opleiding Loonwerk doen. Als ik het lokaal betreed, bevinden zij zich in het algemeen zover mogelijk achter in de klas, in een min of meer wijdbeens zittende of hangende houding. Met handen als kolenschoppen bedienen zij de fragiele muis, rukken aan verbindingskabeltjes als moest er een in de modder vastgezogen volle giertank worden geborgen, en dit alles onder het slaken van allerlei kreten, het luidruchtig ophalen van neuzen, het laten van winden en boeren en wat dies meer zij. Leden van de andere sexe bevinden zich wijselijk genoeg niet in dit gezelschap, of zij moeten ook rijkelijk voorzien zijn van sterke beharing en ander mannelijk voorkomen en gedrag. In dat geval zijn ze mij nog niet opgevallen. Aldus communicerend in rauwe kreten ( “Nou mohjeje bek hauwe!”, “Kiek noh, een naokend deerntje op de tieleviesie!” ) brengen zij een minuut of dertig door, totdat ik het weer welletjes vind en hen weer van het erf af jaag. In het in totale chaos en wanorde achtergebleven lokaal mijmer ik dan amechtig in de resterende lestijd over de goede geneugten des levens. Ik moet dan vaak denken aan het boek “Wilt” van de Engelse schrijver Tom Sharpe, die daar een collega beschrijft die lessen kunstgeschiedenis moet verzorgen aan een groep leerlingen van een slagersvakschool.
Nu heeft het agrarisch onderwijs in haar wijsheid besloten deze toch wat achtergestelde groep studenten te verblijden met achtereenvolgens een nieuwe term voor de opleiding, ‘Mighty Machines’ dus, en als klap op de vuurpijl is er dus nu een luxe, glossy, full colour verjaardagskalender uitgebracht, in de trend van de Pirelli- en Playmate-of-the-Year-kalender. Op de foto’s prijken her en der bleke, wat puisterige boerendochters, die wat verdwaasd tussen, naast of over een trekker of een gierwagen hangen, naarmate het jaar vordert gehuld in steeds gewaagdere kleding, met als klap op de vuurpijl toch wel drie IN BIKINI geklede schoonheden, die in een veld met drek liggen. De aanwezige mannen houden zich op de foto’s gekleed in smetteloze overalls in het algemeen bezig met sleutelwerk aan hun Mighty Machines, of heffen een glas bier. Zelfs is er eentje ’s nachts in het licht van de trekker in een tentje samen met zijn vrouwelijke partner grasjes aan het determineren of zoiets, althans, dat doen de schaduwen in het tentje mij vermoeden.
U begrijpt, deze verjaardagskalender zal ongetwijfeld bijdragen aan een sterke toeloop van studenten bij de studie Mighty Machines. Een numerus fixus is niet geheel ondenkbaar. Nog even over de slagersvakschool: zo’n naam ligt natuurlijk niet lekker in de mond. Is “Fat Meat” misschien iets? “Raw Meat”? “Hot, steamy MEAT”? Ik noem maar wat.
O ja, Jovink speelt op 23 december in Wekerom, een ander cultureel centrum van de Veluwe. Bier en een droge overall meenemen.
