Alleen

Achter deze tragische titel schuilt vanzelfsprekend groot leed. De vrouw des huizes is dit weekend namelijk afgereisd naar haar jaarlijkse wintersportvakantie, en aangezien ik van het type ben dat een dergelijke risicovolle activiteit liever dik ingepakt vanuit een warme arreslee met Glühwein bedrijf, is zoiets niet aan mij besteed. Vroeger had je nog kinderen in huis die de nodigde zorg vergden, waarbij het meest vreselijke toch wel de onvoorstelbare berg wasgoed en afwas vormde die drie dochters elke dag leken te produceren, maar aangezien die nu het grootste deel van hun tijd uitstedig zijn,  staat Wauwel er alleen voor.

Oplettende lezertjes zullen ook weten dat ik in een vlaag van hebberigheid en verstandsverbijstering enkele maanden geleden ben overgegaan tot de aanschaf van een trouwe viervoeter ( dan is er tenminste nog eentje in huis die je kunt commanderen en die enigszins naar je luistert ), maar ook deze mocht ik voor een aantal dagen op een logeeradres afleveren. Dat adres werd gevormd door een vrouwspersoon in een landelijke omgeving, die ons huisdier temidden van woedend hondengeblaf, geproduceerd door een gemêleerd gezelschap, in ontvangst nam. Deze hoeveelheid brokjes graag elke dag, dit is z’n bench, daar moet-ie ’s avonds in, en dit is zijn kluif, daar kauwt hij op om rustig te worden. Eigenlijk net of je je kind voor de eerste keer naar de kleuterschool brengt, maar dan zwaar behaard en kwispelend en aan achterwerken van andere logé’s ruikend.  Nadat mij door Fiedel geen blik meer waardig werd gekeurd, reed ik wat onwennig naar huis, de vrijheid tegemoet.

Die vrijheid heeft voor- en nadelen. Je kunt je favoriete muziek loeihard door het pand laten schallen, je kunt redelijk snel vervuilen ( zo ontdekte ik bij een blik op de gootsteen ) , je kunt de snoeppot leegeten en zappen tot je er een kromme duim aan over houdt. Op afstand word ik in de gaten gehouden, en via WhatsApp verblijd met foto’s van copieuze maaltijden, schitterende besneeuwde en zonnige vergezichten en met berichtjes over lang uitslapen en in de watten gelegd worden.
Een écht groot voordeel is dat ik voor één keer weer ongegeneerd kan twitteren over #DokterDeen, daar schijnt een markt voor te zijn.  Maar het is een gevaarlijke markt. Ik vraag mij oprecht af in hoeveel relaties er geruzied wordt over het getwitter van – meestal – manlief. Wie twittert, praat met anderen, en niet met degene naast je op de bank. Vrouwen zijn tamelijk veeleisende wezens, en voor een man is het uiten van gevoelens een stukje veiliger wanneer je dat vrij anoniem op je mobieltje in 140 tekens kunt doen, dan wanneer je dat moet doen tegenover een persoon van vlees en bloed. Bovendien zit daar geen knop op die je wanneer het allemaal wat ongemakkelijk wordt laat overschakelen naar een ander Appje.  “Schat, geef mij de suiker even aan!” past makkelijk in 140 tekens. Goed gesprek 2.0 is bij voorbaat een mislukt gesprek 2.0, dus wij mannen zullen in de agenda’s van onze iPhones even een momentje moeten inplannen voor een diepgaande conversatie op de canapé, en dan even een herinnering op twee uur van te voren instellen.

Gelukkig kan ik mijn gade geregeld allemaal hartjes en kusjes toesturen, dat is dan weer makkelijk op zo’n afstand. Of een foto van mijn “Diner voor de eenzame man 2.0” om even wat tegenwicht te bieden aan opnames van rijkelijk gedekte tafels die vanuit de Franse Alpen worden toegezonden. Dan toch maar liever met z’n tweeën en een kwijlende hond er bij. Komend weekend weer. Ik kan niet wachten.