Alle scholen dicht

Leslokaal 2010

Die varkensgriep kan mijn niet snel genoeg komen. Alle scholen gaan dan dicht, zo weet o.a. de Telegraaf ons te melden tussen alle songfestivalperikelen door. Niet dat ik een hekel heb aan school, en als de boel dicht gaat zullen wij  als docenten er toch wel zijn, maar zo’n onverwachte sluiting is een uitgelezen kans om ons eens volledig te bekeren tot e-Learning. Enige jaren geleden heerste hier in de regio Mond- en Klauwzeer en ook toen waren wij genoodzaakt de tent enkele weken te sluiten. Het aantal hits op onze internetpagina’s steeg tot astronomische hoogte, en zelfs de docenten en het management zagen het internet-licht en de geneugten die dat met zich meebrengt.

Ik mag dus ernstig hopen dat  het management de griepscenario’s reeds volledig heeft uitgewerkt en een grote rol heeft weggelegd voor Twitter en Electronische Leeromgeving. Vooral Twitter zal een enorme boost door maken, en als het nu niet lukt met  alle digitale zegeningen in het onderwijs, dan wordt het nooit meer wat, en zullen wij tot in lengte van dagen gedoemd zijn tot het krijtje en een stoffig schoolbord.  Die griep die gaat er natuurlijk komen. Gisteren las ik dat wanneer je niest, daarbij zo’n drieduizend miniscule druppeltjes verspreid worden waarin zich zo’n twintigduizend virussen bevinden, die allemaal naarstig op zoek gaan naar het dichtstbijzijnde menselijk wezen.

Het is ook gelijk een mooie gelegenheid om leerlingen langer op school te houden, zoals meneer Hans de Boer, voormalig voorzitter van de Taskforce Jeugdwerkloosheid sinds vandaag graag wil. Ook al wordt het dan een virtuele school, waarin leerlingen op elk door hen gewenst tijdstip kunnen inloggen. Die aanwezigheid is eenvoudig te registreren, zodat iedereen eenvoudig aan z’n verplichte aantallen uren komt, en mocht een leerling de boel willen flessen door ondertussen iets anders te gaan doen, dan verplicht je zo’n booswicht tot het om het half uur indrukken van een toets of een moeilijk woord; zo wordt digitaal spijbelen een stuk moeilijker en leren ze en passant nog een beetje spellen ook.

Voor docenten met ordeproblemen wordt het ook een stuk makkelijker, scholen gaan enorm besparen op verlichting, verwarming, gebouwen etc, en kunnen in de toekomst volstaan met een serverkastje ergens bij de directeur thuis of zo. Vergaderen gaat allemaal middels de webcam, en ook hoogbejaarde docenten die eigenlijk alleen nog maar aan een infuus vegeteren kunnen weer ingeschakeld worden voor het bedienen van enkele knopjes op het toetsenbord. Zo bespaar je ook op ziektekosten. Op het moment dat iedereen weer gezond en wel naar school kan is het hele onderwijssysteem van een geldslurpend log apparaat veranderd in een geoliede digitale leeromgeving, die de student diens gehele leven verder begeleidt. Een Leven Lang Leren in optima forma.

Zo zie je maar weer: van elke bedreiging kun je weer een kans maken, en overdrijven is ook een vak.

Open Huis

Na de eerste passage door de kipschuif
Na de eerste passage door de kipschuif

Vanmiddag was ik bij een open huis van It’s Learning, een bedrijf wat electronische leeromgevingen ( ELO’s)voor scholen aanbiedt. De docent plaatst in zo’n omgeving in eerste instantie puffend en hijgend allerlei interactief en uitdagend lesmateriaal, wat vervolgens door zijn leerlingen flierefluitend opgepikt wordt, want vergeleken bij zo’n snelle puber hebben wij het het reactie- en aanpassingsvermogen van een prehistorische reuzenoester. Gaandeweg zal ook de docent er steeds meer plezier in krijgen, want leerlingen zijn meesters in het tegen elkaar uitspelen van hun leraren, en je wilt als onderwijsaanbieder natuurlijhk niet voor oude zak en achterlijk versleten worden, dus zet je ook je eerste voorzichtige stapjes in de ELO, om te ontdekken dat het eigenlijk heel erg leuk  en makkelijk is.

Maar daar gaat het hier niet om, want dit stukje heet “Open Huis”. Dit vond plaats in een luxueus kantoorpand in de Meern, waar het bedrijf in kwestie zetelt. In deze financieel armlastige tijden had het ook voor de restanten van de Amrobank nog een plekje ingeruimd. Een open huis is altijd een aardige gelegenheid om contacten te leggen en visitekaartjes uit te wisselen, en dat kon onder het genot van een drankje en een hapje in een lounge-achtige ruimte, waarbij de gemiddelde docentenkamer associaties oproept met een bedompte kerker, waar ratten aan het stuiptrekkende onderwijs knagen.
De bar straalde wisselend licht uit in hypnotiserende kleuren, en het enige wat nog ontbrak was een strijkje of een Amerikaanse Big Band met zwoele saxofoontonen. Een lavende onderdompeling, daar in het bedrijfsleven. Hoe jaloers kun je er van worden.

Nee, dan een Open Huis in het dorpje B. op de Veluwe, waar ik domicilie houd. Daar staan in het plaatselijke huis-aan-huisblaadje geregeld wat lompig opgestelde uitnodigingen voor een open huis van bijvoorbeeld een nieuw fokzeugen- of mega-kippenbedrijf, waar de per trekker toegestroomde bezoekers zich ergens in een tochtige ruimte onder het genot van een flesje bier uit een kratje kunnen vergapen aan hypermoderne dubbelloops kipschuiven met het geïntegreerd volautomatisch “Happy Chicken” reinigings- en pluksysteem of zoiets. Komt allen kieken!

Ik weet dus wel wat ik kies, hoewel zo’n kippendinges-systeem ongetwijfeld een vernieuwende vinding zal zijn. Maar voor beide Open Huizen geldt: je krijgt weer enorme zin in je werk, en je kunt haast niet wachten tot je het in de praktijk kunt brengen. Leuk, zo’n open huis!