Eeuwige roem met Twitter

Vandaag mocht ik een presentatie geven met als titel:  “Twitter voor digibeten”. Een enthousiast publiek van digibeten had zich dus al vroeg in het zaaltje van het congrescentrum verzameld, onwetend van het feit dat zich eerder op de ochtend tijdens de voorbereidingen al een gruwelijke ramp had voltrokken in de vorm van het volkomen onverwachts uitvallen van het beeld op de beamer. Je test alles honderdduizend keer uit, en toch weet de wet van Murphy telkens weer onbarmhartig toe te slaan. Maar goed, met blij gemoed togen we aan de slag, en het aardige van digibeten is, dat zij de informatie echt met volle teugen tot zich nemen,  je hoort nog nèt geen slurpen. Over twitter kun je uren lang doorkletsen, en het is leuk om te constateren dat er voor veel aanwezigen een wereld openging, terwijl we in het onderwijs toch vaak geneigd zijn om te denken dat alles wat wij vertellen, toch zo welsprekend is. Hulde aan mijn publiek dus, en zelfs toen zich alsnòg een techniekrampje voltrok – de filmpjes in mijn presentatie werden enkel op mijn laptop vertoond, en niet op het beamerscherm – was men bijzonder vergevingsgezind en hield ik de laptop dus maar voor mijn volgelingen omhoog, zodat ze toch nog een glimp van onder andere dit hilarische filmpje konden opvangen:

[youtube]http://www.youtube.com/watch?v=yu4zMvE6FH4[/youtube]

De avond ervoor had ik een Humor Workshop gevolgd, en het effect van onderwijs staat of valt met het gebruik van humor. Zo’n boodschap blijft ongekend lang hangen.  De presentatie verliep verder naar wens, en wie schets dan ook mijn verbazing dat ik enkele uren later in eens mijn naam op twee enorme schermen in de grote zaal zag verschijnen, met daaronder de mededeling dat ik tot beste presentator van het congres was verkozen en een studiereis naar Californië had gewonnen. En dat met 140 tekens! Eeuwige roem werd direct mijn deel, maar die werd al weer enigszins getemperd door het commentaar van mijn geliefde vrouw en dochters die hun oude vader ’s avonds op de website van het congres op video zagen vastgelegd. “Je lijkt wel tachtig!”, “Wat voor drugs heb je daar gebruikt?”, “Het lijkt wel of je een kunstgebit uit hebt!”, “Je bent enorm gespannen daar zeg!”

U kent het wel. Het soort vleiende kreten die het gezin bij wijze van lofuiting de heer des huizes doet toekomen. Je leert er mee leven. Lotgenoten onder de huisvaders, vooral die met drie dochters, zullen er van mee weten te praten.  Het filmpje was ook inderdaad een lichte schok voor mijn vandaag toch wel wat gestreelde ego. Je zal als klas toch een hele dag tegen zo’n vent moeten aankijken en dan ook nog die piepstem aanhoren.  Ik zal dus ook niet zo gek zijn hier de link naar dat filmpje te plaatsen, zó ijdel ben ik dan ook nog wel. Maar, de reis gaat naar Los Angeles, en daar zitten de nodige gehaaide medici die in dure klinieken hun clientèle van beroemdheden in zes dagen tijd een total make-over kunnen geven. Zo’n verzuurde  en door de tand des tijds getekende Twitteraar zal voor hen dus even een simpel klusje tussendoor zijn. Voor het geval de studiereis dus mogelijk een beetje saai zou blijken ( ik verwacht dat trouwens niet ), dan heb ik in elk geval een alternatief, en zal na afloop een Arnold Schwarzenegger-achtig type, maar dan met beeldschoon uiterlijk als van een vijfentwintigjarige, zijn rentree in huize Wauwel maken.

Conferentie

Eén van de grootste zorgen die je als presentator op een conferentie elke keer weer kan kwellen is de vraag: “Werkt het allemaal?”
Er zijn momenten dat alles tegen lijkt te zitten. Uw blogger vertrok vanochtend welgemoed van huis, bij het krieken van de dag, want files en zo, en opnieuw had de organisatie van dit congres in haar ondoorgrondelijke wijsheid besloten om als plaats delict Veldhoven uit te kiezen, u weet wel, die plaats waar van de week een enorme bende criminelen is opgerold. Blijkbaar hebben deze lieden ook banden gehad met de wegenbouw-maffia, want zoals gewoonlijk bleek dit oord schier onbereikbaar.
Ondanks de goed bedoelde aanwijzingen van mijn TomTom-juffrouw, belandde ik met verhit gemoed ongeveer op de landingsbaan van Eindhoven Airport, moest ik gelijk een terreinwagen enige wegbermen nemen om weer op het goede spoor te geraken, om vervolgens van haar te vernemen dat ik nu de linkerbaan op de snelweg moest aanhouden waar geen snelweg was.
Uiteindelijk belandde ik na twee uur rijden in Best, ooit uitgeroepen tot crimineelste stad van Nederland, totdat Veldhoven blijkbaar die positie overnam.
Ik heb toen in opperste wanhoop maar aan juffrouw TomTom opgedragen snelwegen te vermijden, en zo belandde ik toch nog in het congrescentrum, waar natuurlijk het draadloze internet uit de lucht was, ondanks een nacht doorsleutelen door een bedrijf waarvan ik nu uit piëteitsoverwegingen de naam niet zal noemen.
Twitteren via mijn geliefde iPhone bleek ook een moeizaam gebeuren, maar op het moment van schrijven is dat inmiddels iets verbeterd. Ik heb gemerkt dat op het tweede herentoilet in de afdeling rood op de eerste etage de ontvangst vrij redelijk is. Ik kan dus iedereen aanraden daar heen te gaan.
Mijn eerste workshop – ik ben zelf pas donderdag aan de beurt – werd gegeven door een persoon die met behulp van enige techneuten met de moed der wanhoop aan het opstarten van de presentatie bezig was. Dit werkte niet, dat werkte niet, en toch nog zó geprobeerd en getest, u kent dat wel. De techneut zat zwetend over de bekabeling gehurkt, daarbij de aanwezigen een ruime blik op diens bouwvakkersdecolleté gunnend.
Het kan wat dat betreft altijd erger: ik heb ooit eens een presentatie mee mogen maken die gegeven werd door een dame van in de vijftig, nogal mollig postuur, die het gepresteerd had een soort naveltruitje aan te trekken. Vijfitig minuten lang bleven de aanwezigen gebiologeerd naar die tussen diverse rollen vermoede navel staren, van aandacht was zij dus absoluut verzekerd, zij het enigszins misplaatst. Het had in dat geval ook totaal niet uitgemaakt of het internet nu wel of niet gewerkt had, iedereen was toch op zoek naar die navel.
Goed, morgenochtend is het dus mijn beurt, en mag ik live gaan twitteren voor de hopelijk in grote getale aanwezige digibeten. Alles lijkt goed te gaan. Het internet werkt nu, met dank aan de alom aanewezige en behulpzame technici en ik heb ook geen naveltruitje aan. Het kan gewoon niet meer mis gaan. U hoort nog!