Gezellig coma-zuipen met de meester

[youtube]http://www.youtube.com/watch?v=FHs4QKBmWL0[/youtube]

Het gaat goed met het coma-zuipen op de Nederlandse schoolfeesten. Uit onderzoek onder wel 558 scholieren op  wel 43  scholen is gebleken dat er steeds minder alcohol geschonken wordt. Men zit daar weer met glunderende koppen aan een glaasje ranja te sippen en ook dan komt de gezelligheid vanzelf.

Nu vraag ik mij ernstig af in hoeverre je op basis van genoemde aantallen een gefundeerd oordeel kunt geven over de alcoholconsumptie van onze bloem des vaderlands, zeker als je ook deze week verneemt dat de burgemeester van – naar ik meen – Venlo de openbare eindexamenfeesten heeft verboden vanwege de astronomische hoeveelheden drank die er daarbij doorheen gejaagd werden, met alle gevolgen vandien. 
Was in 2005 een kwart van de schoolfeesten alcoholvrij, nu is dat een derde. Nog steeds drinkt echter 65 % van de scholieren op een schoolfeest alcohol. Of daarbij ook het vóórdrinken is onderzocht, weet ik niet. Verder is het heel goed mogelijk dat een fiks deel van de niet ondervraagde scholieren gewoon al te ver heen was om nog een zinnig antwoord op de enquête te kunnen geven.
Ook  is er de trend dat steeds meer scholen de feesten niet meer binnenshuis laten plaatsvinden maar  gewoon in een of andere feestzaal waarbij het alleen in naam nog een schoolfeest is, maar waarbij je dan als school van een hoop verantwoordelijkheid af bent. Zo kun je dus ook aan je teruglopende alcoholconsumptie komen.

Zo af en toe mag ik ook het genoegen smaken om enige tijd in zo’n etablissement te vertoeven, waarbij je na afloop nog twee uur met tuitende en piepende oren loopt vanwege de herrie. De aanwezige docenten houden zich bij dergelijke gelegenheden in een veilig groepje bij elkaar op, liefst enigszins bij de buitendeur, en becommentariëren daar de handel en wandel van de directie, waarvan soms ook heel even een afvaardiging langs komt om wat  te socialiseren.   
Binnen gaat dan het feestgedruis in alle  hevigheid voort, en als je dan even ter helle af moet dalen voor een glaasje fris of een bescheiden biertje, ontwaar je daar een hossende en soms opzichtig schaars geklede massa, die lallend en brullend een nieuw lied inzet op de maat van onverstaanbare geluidsbrij. Tot je blijdschap merk je ook dat veel leerlingen die overdag ernstig ziek waren afgemeld, op wonderbare wijze weer hersteld zijn.
Wanneer je dan even een paar foto’s maakt voor de schoolsite, vliegt men elkaar enthousiast om de hals, heftig morsend uit schommelende glazen bier, en in het ontluisterende licht van de flits zie je dan knalrode ogen, vuurrode blossen, enorme bier- en okselzweetplekken, nadrukkelijke jeugdpuistjes, en zo blijft er weinig over van de redelijk bevallige wezens die je normaal in de les voor je hebt. Ecce Homo.
Je moet altijd snel wezen, want voor je het weet worden ze wel heel erg  joviaal en word je meegesleurd om even midden in de hysterische menigte mee te pogo-en of te headbangen, en niets is zo lachwekkend als een docent op leeftijd die een dansje waagt, en voor je het weet sta je de volgende dag op YouTube.
Vroeg komen dus, op zo’n schoolfeest. Ook weer niet tè vroeg, want in mijn enthousiasme stond ik laatst om half negen voor de deur, en ja, dat is de tijd waarop iedereen nog vrolijk thuis aan het indrinken is tegenwoordig. Een beetje feest begint nu pas om elf of twaalf uur ’s avonds, de tijd waarop bejaarde docenten zoals ik ernstig aan hun bed beginnen te denken of het water voor de kruik op zetten.

En ben je dan weer thuis, dan denk je misschien heel stiekum wel eens: ach, was ik ook maar weer een keertje zestien, want zeg nou zelf, deden wij het vroeger wezenlijk anders?