Nachtmerrie

 

Er zijn van die momenten waarop het lijkt dat ineens alles zich tegen jou keert. Ik ging net even boodschappen doen in mijn geliefde dorpje B. Even naar de AH. Zodra ik de winkelstraat inliep had ik de indruk deel te nemen aan de Torenbouw van Babel, kort nadat de beruchte spraakverwarring had toegeslagen: het was vrij druk en toch hoorde ik alleen maar Pools of andere onverstaanbare talen om mij heen. Van alle kanten schampten gesprekken in exotische talen langs mijn oor, en even dacht ik te dromen. Je kreeg ook de indruk dat mensen je probeerden te rammen of ineens een schichtige uitval naar je deden.
De hemel was grijs en naargeestig, de atmosfeer kil en toch drukkend. En ik moest alleen maar wat lof, ham en kattenbrokjes hebben.
De lof was uitverkocht. De ham was haast onbereikbaar doordat mensen her en der hun winkelwagentjes onbeheerd lieten staan of er mee tegen je schenen stootten. Ook zo wat: een gezin met drie kinderen, die alledrie nog eens zo nodig zo’n klein kinderkarretje moesten rondrijden, als dolgeworden horzels tussen de menigte door. De hele supermarkt leek gevuld met Tokkies, Sjonnies en Anita’s. Vóór mij enorme rijen bij de kassa’s. Eindelijk bijna aan de buurt, het geduw achter mij negerend en onopvallend hard terugduwend, wat woedende blikken opleverde.
“Deze kassa is gesloten meneer!”. Een nieuwe rij dan maar. Enkele klanten voor mij een bejaarde, die zeker drie verschillende tassen bij zich had waarin twee portemonnees zaten.  Uit de ene werd papiergeld gehaald, uit de andere muntgeld.  Eindeloos natellen en nog eens tellen. Abrupt stilhouden om de bon nog eens te controleren en daar vragen over te stellen. De volgende klant: één produkt was niet geprijsd, daar moest over gebeld worden. Als ik in een rij sta, gaat de andere rij altijd sneller. Ga dus nooit in mijn rij staan. De kassarol was leeg. Moest vervangen worden.
Eindelijk stond ik verhit weer buiten. Recht op mij af kwam vervaarlijk slingerend een vreemd misvormde vrouw aanzetten. Ook dit liep goed af. Gelukkig, daar was de auto. Snel ingestapt.
Bijna thuisgekomen, begon een verpestende stank het auto-interieur te vullen. U raadt het al: ik was in een enorme hondendrol gestapt, welke zich nu fijn in het profiel van mijn bergwandelschoenen had genesteld. Leuk, snel even boodschapjes doen.

Bijtijds

Gisteren, 5 september,  was ik even bij ’s lands grootste kruidenier om daar wat inkoopjes te doen. Tot mijn afgrijzen ontdekte ik daar  op een opvallende, ruim bemeten plek een groot schap met – u raadt het al – strooigoed en pepernoten. Met nog vier maanden te gaan is het dus blijkbaar de bedoeling dat we ons al massaal op de pepernoten storten en elke avond kwistig strooiend door het pand gaan om ons kroost al vast op te fokken tot een hysterisch hoogtepunt op 5 december. De hoeveelheid speelgoedreclames ( voor zover nog niet alles door de fabrikant is teruggehaald wegens te veel Chinees lood of zo ) zal vanaf heden ook explosief toenemen, en waarschijnlijk mogen we ook al gauw de nieuwe Sinterklaashit van de Toppers op de radio beluisteren, afgewisseld met de Kersthit en zo nu en dan een opwarmertje voor de snel naderende paasdagen. En ik zal vandaag en morgen de brievenbus scherp in de gaten houden voor de speelgoed-krantjes, waar Sinterklaas trouwens niet meer in voor mag komen omdat het eigenlijk alleen nog maar een hinderlijke tussenstop is op weg naar Kerst. Sinterklaas is commercieel gezien een stuk minder interessant dan de seniele dronken gek die Kerstman heet.
Vorig jaar september haalde ik mij de woede van twee etalage-medewerkers van V&D op de hals, die bezig waren met het aanbrengen van kerstversiering. Of ze er maar gelijk wat paaseitjes bij wilden hangen. Werd niet gewaardeerd.
O ja, en nu ik toch bezig ben, even een tip voor mijn werkgever: vorig jaar mocht tot € 35  belastingvrij aan kerstpakketten worden weggegeven. Dit jaar is dat bedrag voor de werkgever verhoogd tot € 70! Aldus het Voorlichtingsbureau voor de Kerstpakketten . Weet je wat: geef het kerstpakket eigenlijk maar gelijk volgende week.