Bij mij in de personeelskamer ligt op de diverse tafels een keur aan vakbladen, variërend van de Hoefslag , waarin je allerlei foto’s ziet van paarden die hun best doen zichzelf ( evt. met berijder ) over één of andere hindernis te wrikken , tot het Agrarisch Dagblad , waarin allerlei enge artikelen staan over het onlangs gesignaleerde bruingerande roodkopmaisvreetkevertje, maar bijvoorbeeld ook het verblijdende bericht dat de zeugenhouders dit jaar 40 procent meer verdiend hebben. Nou spel ik deze krant niet bepaald van voor naar achteren en omgekeerd, maar van de week dacht ik ‘Ach, ik moet toch enigszins op de hoogte blijven’, ook al geef ik hier slechts AVO ( Algemeen Vormend Onderwijs ) -vakken en heb ik het nog steeds stug over de poten en de kop van een paard in plaats van benen en hoofd.
Zo las ik ondermeer dat men in Australië nu schapen gaat fokken “met kale konten”. Er wordt 2 miljoen dollar gestoken in het projekt gestoken, dus zo’n schapenkont is blijkbaar opwindend genoeg om daar eens even wat geld tegen aan te smijten. Men doet daar Down Under namelijk aan ‘mulesing’: het zonder verdoving lossnijden van de staart en een flinke lap los vel van de arme schapenbips om ‘problemen met myasis te voorkomen’. Bij een schaap met een kaal achterwerk zou het niet meer hoeven, en bovendien hebben ze dan ook geen last meer van vliegenlarfjes of zo.
Blijkbaar hebben die beesten een soort aambeien of grote steenpuisten van het hele dag op de kont zitten. Voortaan gaan ze daar dus ongegeneerd in hun blote achterste rondhupsen, en mekkeren maar jongens. Voorlopig houd ik het maar weer even bij de Spits, die een enkele keer als toonbeeld van westerse cultuur ook de tafels ligt.
